Kunstenaars als vertalers

Om mijn verhaal te vertellen heb ik vertalers nodig. Mensen die mij begrijpen en kunnen ‘verwoorden’ wat ik beleeft aan de waterkant. Mensen die met hart en ziel kunnen overbrengen hoe het is om verbonden te zijn met je omgeving. Dit jaar kies ik kunstenaars om mijn verhaal over te brengen op jullie Amsterdammers. Ik hoop dat jullie de taal verstaan die deze kunstenaars gebruiken.

Josephine Moons is live-tekenaar bij bijzondere gebeurtenissen. Met haar lichte manier van kijken maakt ze een vaardige vertaling op papier van wat ze ziet. Met verve en detail, in kernwoorden en kernbeelden. Verslaglegging in mindmaps voor één oogopslag, waarbij nadere bestudering de routes van het gebeuren weer openleggen, opnieuw tot leven brengen.

Paul M Ellis is sinds 2009 professioneel schilder. ‘Zoals de kunst in poëzie, is de kunst in schilderen te vinden in de stemming, boodschap en ervaring van het moment omsloten en gevangen in het kader van een unieke moment’.

Edith Brouwer maakt lino’s. Een belangrijke component in Ediths werk is de gemoedstoestand die zij ‘kalme chaos’ noemt (naar een boek van Sandro Veronesi). In haar ogen betekent dit een gestemdheid waarin het verlangen om alleen te zijn samen gaat met het verlangen om bij iemand of iets te horen. Het is een positief gevoel, maar gaat gepaard met twijfels.

Jackie Mulder ontworstelde zich op jonge leeftijd al aan het stramien van ‘hoe het hoort’. De rebellie die daarvoor nodig was is nog altijd een rode draad in haar werk. Als vormgever en fotograaf met een achtergrond in fashion design combineert zij verschillende disciplines om de schoonheid van het afwijkende te laten zien. Alle werken zijn unica. Ze vragen aandacht voor het kleine en kwetsbare – in de natuur, haar directe omgeving of haar gedachtewereld. En dat is nooit gladgestreken of opgepoetst. Onkruid uit de berm, een afgebroken takje, een kapot blad of een uitgebloeide tulp. Als het verval aanbreekt wordt het interessant. Vooral als je ze ontleedt.

Ilse Kleijne-Thoonsen aka @noordling schetst wat ze ziet. Urbanscetching heet dat. Mooi om je herinnering vast te leggen via de input van ogen, het vervolgens te bewerken met je belevings- en ervaringsfilters en het dan via potlood of kwast weer de buitenwereld in het sturen als kleur op papier.

Joyce van Dongen heeft prachtige stukken gemaakt van bloemen in de laatste fase van hun leven. In haar werk zoekt ze contrast, spanning en harmonie. Het is een prachtig startpunt voor een ieders droom of verhaal. Het viert de wereld waarin we leven in als haar kracht en kwetsbaarheid.

Mariejose Vaessen schrijft gedichten. Haar gedicht met de iep in de hoofdrol is zeer goed ontvangen. De zaadjes van de iep zijn de sneeuw van Springsnow.

Peter Oosterhout schildert en tekent natuur. “Al lang geleden had de natuur mijn interesse. In mijn jeugd waren bos en weide ver te zoeken, maar in het rozenplantsoen met de onvermijdelijke doornen was ik te vinden. Intens kijkend naar het gekrioel van rupsen en mieren. De blaadjes van elk seizoen. De bedauwde spinnenwebben. Dat was geweldig!”

Gerard Vroon is illustrator. Noch in zijn werk als illustrator, noch in dat als beeldend kunstenaar beperkt Gerard Vroon zich tot één stijl en één genre, wat hem met name op illustratieterrein breed inzetbaar maakt.